St. Remigius, Lithoijen

Alfonsus


Plaats in de kerk: apsis priesterkoor linkervenster onder; linker persoon
Atelier F. Nicolas en Zonen, 1902

Alfonsus en Thomas zijn kerkleraren (eretitel voor heiligen met bijzondere wetenschappelijke verdiensten). Onderaan zijn in kleine witte letters hun namen te lezen. Ze hebben allebei een opvallende rode nimbus (stralenkrans als kenmerk van heiligen) rond hun hoofd. In de Maria-Magdalenakerk in Geffen zijn Alfonsus en Thomas ook naast elkaar afgebeeld, maar daar zijn ze veel rijker gekleed.

Het verhaal

Alfonsus wordt in 1696 in de buurt van Napels geboren en als kind van adellijke ouders ontvangt hij een strenge en veeleisende scholing bij privéleraren. In zijn jeugd kan hij al schilderen, speelt hij klavecimbel en geeft hij een dichtbundel uit. Op zestienjarige leeftijd promoveert hij tot doctor in het kerkelijk en wereldlijk recht en drie jaar later voert hij zijn eerste proces.

In 1723 verliest hij door een fout van zijn kant een belangrijk proces, hetgeen hem veel spot oplevert. Dit fiasco brengt hem tot een radicale beslissing in zijn leven. Hij bekeert zich en legt zijn degen, als symbool van adeldom, af. Daarna gaat hij theologie studeren en drie jaar later wordt hij priester gewijd.

In 1732 sticht hij de congregatie van de Allerheiligste Verlosser (redemptoristen), die zich bezighoudt met armenzorg en onderwijs. In 1762 wordt hij tot bisschop benoemd, een functie die hij eerder heeft geweigerd. Tot 1775 leidt hij het bisdom van SantÂ’Agata dei Goti (bij Benevento). De laatste jaren van zijn leven lijdt hij aan reuma of jicht en is hij half doof en blind. Alfonsus sterft in 1787 in het door hem gestichte klooster Pagani bij Napels, waar hij zich heeft teruggetrokken.

Alfonsus wordt in 1774 gezien aan het sterfbed van Paus Clemens XIV, terwijl hij opgesloten is in zijn cel, vier dagreizen ervandaan. Deze bilocatie (aanwezigheid op twee plaatsen tegelijk) is een van de wonderen die bij zijn heiligverklaring in 1839 zijn opgetekend.

De afbeelding

Alfonsus is voorgesteld als baardeloze bisschop met in zijn rechterhand de bisschopsmijter en in zijn linkerhand een rozenkrans (gebedssnoer). De kleur van zijn mantel is opvallend hier in de kerkramen: paars, vaak gezien als bisschopskleur. Hij draagt het pectorale, het borstkruis van edelmetaal dat bij de bisschoppelijke waardigheid hoort. Zijn hoofd is ietwat voorovergebogen, want hij leed op latere leeftijd immers aan reuma of jicht.

meer informatie :

volgende : Thomas van Aquino
vorige : Simon Stock