St. Lambertus, Maren Kessel

de deugd van de Matigheid


Plaats in de kerk: rechts in het schip
ontwerp : Huib de Corti (?), 1951; uitvoering: Glasbewerkingsbedrijf Brabant, Tilburg (?)

Het verhaal

De deugd matigheid of zelfbeheersing is van de vier door Plato genoemde klassieke deugden.( * )

Matigheid (temperantia) is één van de vier door Plato genoemde en later door de kerkvaders overgenomen kardinale deugden. Het is de deugd die de aantrekkingskracht van de genoegens tempert en een evenwichtige omgang met de aardse goederen mogelijk maakt. De matige persoon laat zich niet meeslepen door begeerte of verlangens (Sirach 5:2).

De afbeelding

De meetinstrumenten passer en zandloper worden geflankeerd door twee vleugelachtige vormen. Met een passer zijn volmaakte cirkels te trekken. De cirkel is een beeld van God, omdat hij geen begin en einde kent. God heeft tevens alles geordend naar ‘maat en getal’ (Wijsheid 11:20). Hij wordt vaak voorgesteld als de Schepper met een passer in de hand.

http://www.willibrordbijbel.nl/index.php?p=page&i=62109,62117

meer informatie :

vorige : de deugd van de Sterkte