St. Petrus' Banden

basilica minor


Aan Petrus’ Bandenkerk is op 23 juni 2013 de titel ‘Basilica minor’ toegekend. De naam basiliek duidt op een speciale architectuurstijl van een kerkgebouw. Het betreft dan een driebeukige kerk: middenbeuk of middenschip, dat hoger is dan de twee zijbeuken. In beide muren van het verhoogde middenschip zijn ramen geplaatst. Die worden lichtbeuken genoemd.

De basilica minor of kleine basiliek hoeft niet de architectuurstijl van een basiliek te hebben. Deze benaming is een eretitel die de paus toekent aan een bijzondere kerk om deze te onderscheiden van de andere vanwege haar bijzondere betekenis. Dat kan bijvoorbeeld de historische betekenis van deze kerk en haar gemeenschap zijn of de verering van een specifieke heilige. In Oirschot zijn beide van toepassing: kerkhistorie en Petrusverering.

De drie attributen die bij de kleine basiliek behoren, zijn een Nieuw Wapenschild, het Conopeum en de Tintinnabulum.

In Oirschot zal het teken op het pauselijke wapenschild – twee gekruiste sleutels – in de vlaggen of vaandels van de kerk, in de liturgische benodigdheden en in het zegel van de Petruskerk gevoerd mogen worden.

Het Conopeum, of Ombrellino, is een hoge, smalle umbrella (parasol), waarop verschillende wapenen zijn aangebracht welke betrekking hebben op de basilica minor. De processiestaf wordt Tintinnabulum genoemd: processiestaf met rinkelende bellen. Beide attributen staan aan weerszijden van het altaar. In een processie kunnen zij worden meegedragen.

De kleding van de pastoor van de basilica minor is afwijkend van de gebruikelijke. De pastoor draagt bij zijn ambtelijke uitoefeningen een zwarte mozetta – schoudercape – over zijn toog en superplie. De mozetta is afgebiesd met roodkleurige randen, knoopsgaten en knopen.

meer informatie :

volgende : de glazeniers

vorige : de architectuur van het kerkgebouw