Mozes in biezen mandje
Plaats in de kerk: priesterkoor, apsis, linkervenster
F. Nicolas & Zonen, 1908
Het raam combineert twee taferelen: de Geboorte van Jezus (boven) en Mozes in het biezen mandje (onder). Een dergelijke combinatie wordt een typologie genoemd. Daarbij wordt een gegeven uit het Oude Testament als voorafbeelding beschouwd van een verwant gegeven uit het Nieuwe Testament.
Het verhaal
De farao, de koning van Egypte, vindt op een gegeven moment dat er te veel joden in zijn land zijn en besluit dat de jongetjes die geboren worden, gedood moeten worden.
Als Mozes wordt geboren, bedenkt zijn moeder een list. Het is een mooi kind en ze houdt het verborgen, drie maanden lang. Dan ziet ze geen kans haar zoon nog langer verborgen te houden en neemt een mand van papyrus, bestrijkt die met pek en teer, legt het kind erin en zet de mand tussen het riet langs de oever van de Nijl. De zus van het kind gaat een eind verderop staan, om te zien wat er met hem gebeurt. Even later komt de dochter van de farao naar de Nijl om te baden. Zij ontdekt de mand tussen het riet en laat die door een van haar slavinnen halen. Ze maakt de mand open en ziet daarin het kind. Het jongetje huilt, en vol medelijden zegt ze: Dat moet een Hebreeuws kind zijn.
Dan komt de zus van het kind haar vragen: Zal ik bij de Hebreeuwse vrouwen een voedster gaan zoeken om het kind voor u te voeden? Ja, doe dat maar, antwoordt de dochter van de farao, waarop het meisje de moeder gaat halen. De dochter van de farao zegt tegen de vrouw: Neem dit kind mee en voed het voor me. Ik zal u ervoor betalen. De vrouw neemt het kind mee en voedt het.
Als het kind groot genoeg is, brengt ze het naar de dochter van de farao. Deze neemt het aan als haar eigen zoon. Ze noemt hem Mozes.
De afbeelding
Een dienares zit op haar knieën aan de rivieroever bij het gevlochten mandje met daarin de vondeling. Zij heeft het deksel gelicht en strekt haar armen behulpzaam uit naar de baby. De voornaam geklede vrouw die hierachter staat, is de dochter van de farao. Rechts houdt een slavin een flabellum (ceremoniële waaier van struisvogelveren) boven haar hoofd. En links staat een jonge dienaar, die de slippen van haar gewaad optilt. De sfinx achter hem maakt duidelijk dat het voorval zich in Egypte afspeelt.
Onder het tafereel staat een citaat uit het Bijbelboek Exodus in het Latijn: De infantibus haebraeorum est hic (Dat moet een Hebreeuws kind zijn). Het is de uitroep van de dochter van de farao bij het zien van de vondeling. Het woord haebraeorum is door een slordigheid van de glazenier moeilijk te lezen; het tweede deel van het woord staat ondersteboven.
Mozes in het mandje geldt als een voorafbeelding van Jezus in de kribbe. Zoals Mozes wordt gered van de kindermoord, zo wordt later ook Jezus van dit lot gered. Koning Herodes vreest voor zijn positie, omdat er een toekomstige koning van de joden is geboren, en hij laat daarom alle jongetjes tot twee jaar in Bethlehem en wijde omgeving vermoorden. Een engel waarschuwt Jozef, die daarop met vrouw en kind naar Egypte vlucht.
volgende : Jezus sterft aan het kruis
vorige : geboorte van Jezus